Onder 11

Techniek

Onderstaande technieken zou een keeper in de E-junioren moeten leren. De E-junioren zijn nog erg jong en kunnen meestal hun concentratie nog niet lang vasthouden. De ene keeper wil graag leren, de andere keeper vind het al leuk dat hij/zij speciale keeperstraining krijgt. Alles wat ze in de E-junioren is meegenomen en het echte leren begint eigenlijk pas in de D-junioren.

Zonder bal

  • Voetenwerk
  • Verplaatsen in en voor het doel (starten, lopen, sprinten, draaien en keren in alle richtingen)
  • Springen

Met bal

  • In de uitgangshouding komen
  • Uitgangshoudingen
    • Schot op doel
    • Dieptepass en flankballen
    • Duel 1 tegen 1
  • Vangen
    • Oprapen
    • Onderhands vangen
    • Blokkeren met buik/borst
    • Bovenhands vangen
  • Tippen (naast het doel)
  • Vallen – Duiken
  • Duel 1 tegen 1

Balbezit keeper

  • Trap uit de handen
    • Volley
    • Dropkick
  • Werpen
    • Rollen
    • Slingerworp

* Alle bovenstaande onderdelen in relatie met:

De realiteit van de wedstrijdsituatie in deze leeftijdscategorie:

  • Schoten op doel
  • Duel 1 tegen 1
  • Diepteballen

Inzicht (gochme en spelintelligentie)

Balbezit tegenstander

Spelsituaties:

  • Opstellen en positie bij:
    • Schoten op het doel
    • Onderscheppen van diepteballen
    • Duel 1 tegen 1

Balbezit

Spelsituaties:

  • Positie bij balbezit tegen partij

Coachen, organiseren en leiding geven

Balbezit keeper + speler

  • Bal naar medespeler, eerst speler aanroepen!
  • Spelers in vrije ruimte sturen om aan te spelen
  • Na het spelen van de bal:
    • Opsluiten
    • Neerzetten 1¬†op 1 in de laatste lijn

Balbezit tegenstander

Samenwerking speler(s)-keeper termen. Bal bij speler of tussen speler en keeper in:

  • LOS, bal voor de keeper
  • JIJ, bal voor de speler
  • TIJD, speler heeft tijd
  • WEG, speler moet bal wegspelen
  • NIET TERUG, speler mag niet terug spelen
  • VOORUIT, speler moet bal naar voren spelen